Feed on
Berichten
Reacties

Gisteren was het tijd voor een nieuw hoofdstuk in ons kookgebeuren. Onder het motto ‘breng een K.V. mee (kokende vriend)’ was Tom bij ons te gast. Mijn eigen maag had het recept reeds menige keer mogen ervaren, ik wist dus wel dat het snor zat. Bij de rest van de sekte-leden bemerkte ik toch nog enige terughoudendheid bij het horen van ‘Thaïse kip’. Doch achteraf waren de meningen unaniem: GOEIE BOEL!

Bovendien beste vrienden, niet onbelangrijk, het is vrij eenvoudig en snel klaar te maken. Zie hieronder een kleine omschrijving van het bereidingsproces, met dank aan Chef Tom himself!

Ingrediënten (beschrijving is voor 2 personen):

  • zakje wokgroentjes
  • groene Thaïse currypasta (zo’n klein groen potteke)
  • kippenborststukjes
  • kokosmelk (500 ml).
  • Thaïse rijst

Bereiding:

  • Men wasse de groentjes;
  • Men neme de kip;
  • Men wasse de kip;
  • Men ontdoet de kip van die witte dinges waarvoor de slager te lui was om ze eraf te doen;
  • Men snijde de kip in kleine reepjes;
  • Men verhitte een beetje boter of olie in de wok;
  • Men gooit doch met liefde de kip in de verhitte olie;
  • Men bakt de kip een beetje aan;
  • Men doet er iets minder dan een half potteke groene curry pasta bij;
  • Men wokke verder;
  • Men gooit er doch ook hier weer met veel liefde de groentjes bij;
  • Men doet er een beetje water bij;
  • Men laat verder stomen in eigen vocht;
  • Men doet de rest van de currypasta bij zodanig dat er een half potteke in de wok zit en de andere helft nog ih potteke, het potteke is dus nog halfvol! ;
  • Men voegt er de kokosmelk bij;
  • Men bindt met een beetje maizena (maakt de saus wat steviger…);
  • Men serveert in een kommetje samen met Thaïse rijst.

U merkt het dames en heren, een relatief kleine moeite in de keuken, jedoch een wereld van ongeëvenaarde smaken en geuren op de taloor! Mmmmmm…

Over wijn

Gisteren een leuk programma gezien op Canvas: Oz and James’s big wine adventure.

James (links), bekend van Top Gear en prominent lompe boer als het aankomt op de finesses van de gastronomie, gaat samen met wijnkenner Oz (rechts) op stap in Frankrijk om de wereld van de Franse wijn te ontdekken. Denk aan zoiets als De Bende van Wim, maar dan anders. Lichtvoetig en grappig, maar vooral leerrijk voor mensen die nog niets van wijn kennen, maar er graag iets over zouden willen bijleren!

Lasagne met spinazie

Origineel was het plan eigenlijk om Lasagne Verde te maken. Maar lasagne zonder ook maar een beetje tomatensaus leek mij nogal raar, vandaar werd het gewone lasagne met spinazie.

Benodigdheden (voor 6 personen):

1 kg gemengd gehakt
2 middelmaat uien
1 rode paprika
2 blikken gepelde tomaten
1 klein blikje tomatenpuree
500 g passata
enkele champignons
kruiden
peper en zout
500 g lasagnebladen
150 g boter
150 g bloem
1l melk
800 gr bevroren spinazie
gemalen kaas

Bereiding:

Maak eerst je spaghettisaus. Ik zal hier omschrijven hoe ik mijn saus maak, maar met spaghettisaus doe je eigenlijk wat je wil. Zelfs met saus uit een pot moet het lukken, alhoewel dat toch niet zo goed gaat smaken dan wanneer je de saus volledig zelf maakt.

Braad je gehakt los in wat olie en voeg de gesnipperde ui, de fijngesneden paprika en champignons toe. Kruid naar smaak (ik gooi er altijd wat spaghettikruiden in, wat droge munt, enkele laurierblaadjes, wat bouillonpoeder, cayennepeper, zout en peper).

Voeg hierna de blikken gepelde tomaten toe, samen met de tomatenpuree en de passata. Let wel op bij de gepelde tomaten dat je de harde stukjes eruit haalt. Duw ze ook wat plat dat je kleine stukjes krijgt in je saus.

Deze saus mag wel een half uurtje pruttelen. Hoe langer hoe beter eigenlijk. Dit mag met het deksel op de pot, aangezien je een vrij loperige saus mag hebben. De lasagne zal dit straks absorberen.

Laat de spinazie ondertussen ontdooien.

Maak bechamelsaus. Smelt 150 gr boter in een pot. Wanneer deze gesmolten is, voeg de bloem toe en roer alsof je leven er vanaf hangt. Als het papje lichtjes begint te kleuren voeg je de melk toe. Roeren en laten doorkoken. Kruiden met nootmuskaat, peper en zout.

Met een liter ga je wel genoeg hebben. Is wat afhankelijk van hoeveel witte saus je in de lasagne wil. Let er ook op dat de lasagnebladen ook hier veel gaan absorberen, dus je hoeft echt niet zuinig te zijn. De saus mag ook hier vrij loperig zijn.

Als je de saus van het vuur haalt, kan je er eventueel gemalen kaas doorheen roeren, om ze wat steviger te maken. Ook hier weer naar smaak. Best een oude, harde kaas pakken aangezien die feller smaken en je zo minder kaas/vet nodig hebt om het lekker te maken.

Begin nu met je laagjes:

Doe onderaan je ovenschotel een laagje bechamelsaus en leg hier je eerste lasagnebladen op. Daarna een laag tomatensaus met daarop spinazie, lasagnebladen, bechamelsaus, lasagnebladen, tomatensaus met spinazie…

Dit kan je herhalen afhankelijk van de diepte van je ovenschotel.

Doe op je bovenste laag nog kaas om te gratineren en zet in een oven van 200 graden.

Als je voorgekookte lasagnebladen hebt gebruikt hoeft het er niet zo lang in, een 10-tal minuten totdat alles goed heet is. Heb je gedroogde lasagnebladen gebruikt, dan heeft de lasagne 30 à 40 minuten nodig.

Pas op dat je je tong niet verbrand!

Balletjes in tomatensaus

Benodigdheden voor 4 personen (volgens Piet Huysentruyts Kook Bijbel, p 337):

  • 500 gr varkensgehakt
  • bloem
  • 2 uien
  • 1 sjalot
  • 1 wortel
  • arachideolie
  • 6 verse tomaten
  • 1 blik gepelde tomaten (mogen ook 6 extra tomaten zijn, hangt af van de prijs en smaak van de tomaten in het seizoen)
  • 1 blikje tomatenpuree
  • tijm en laurier
  • perper, zout, nootmuskaat
  • voldoende aardappelen (afhankelijk van de aard van de eters, ik denk dat ik bijna 2 kg heb gebruikt)
  • 1 ei
  • 1 dl sojamelk (of gewone melk)
  • boter
  • 200 g cantalkaas (te vinden in de Colruyt tussen de speciallekes, of te vervangen door een andere harde Franse kaas)
  • 2 eetlepels gehakte peterselie

Eerst moet uiteraard het voorbereidend werk gebeuren. Balletjes rollen van het gehakt (best niet té groot: hoe kleiner de balletjes, hoe korter de kooktijd), ui en sjalot snijden in kleine stukjes, wortel snijden in kleine stukjes, aardappelen schillen, kaas raspen en tomaten ontvellen en in stukken snijden. Voor het ontvellen is er een truukje dat het pellen heel wat gemakkelijker maakt (tip van Niggle): snijd een kruisje in de onderkant van de tomaten, niet te diep, en leg ze even in kokend water. Je zal zien dat het vel aan de insnijding begint te krullen en heel gemakkelijk te verwijderen is. Handig, goeie tip!

SOS Piet begint zijn werkwijze met het klaarmaken van de gehaktballetjes. Ik zou echter eerst beginnen met de tomatensaus, omdat deze blijkbaar lang nodig heeft om in te koken. Trouwens, hoe langer de saus kan pruttelen, hoe beter ze wordt. De bereiding van de saus gaat als volgt: stoof de ui en sjalot in de arachideolie tot ze glazig zijn en gooi er de gesneden wortel bij. Dan mogen de tomaten, de tomatenpuree en het blik gepelde tomaten erbij. Dit geheel moet goed koken, met de tijm en de laurier erbij. Laat de saus minstens zolang doorkoken tot de tomaten weggesmolten zijn en de saus mooi gebonden is.

Ondertussen: kook de aardappelen (ze mogen wat platgekookt zijn, er moet toch puree van gemaakt worden). Neem het ei, de melk, boter en de gemalen kaas en stoemp erop los tot je een mooie smeuïge puree krijgt. Kruiden naar smaak met nootmuskaat en peper.

De versgerolde gehaktballetjes rol je best even door de bloem vooraleer ze te koken. Waarom juist weet ik niet, maar ik neem aan dat Piet dit niet voor niks doet. Dus doen wij het ook. Daarna pocheer je de balletjes in water. Voor middelgrote balletjes zou een kwartier moeten volstaan. Als je niet zeker bent of ze gaar zijn, dan neem je er eentje uit het water en snij je hem door. Simpel. Ik zou volgende keer de balletjes niet pocheren, maar bakken in boter, volgens mij geeft dit iets meer smaak.

Als alles klaar is roer je de peterselie onder de saus en kan je eventueel de balletjes ook al bij de saus doen. Puree en balletjes samen opdienen. Als begeleidende drank heb ik niet echt een voorstel, wij hebben er tripel Karmeliet bij gedronken.

balletjes in tomatensaus met kaaspuree

Ik heb goeie reacties gekregen op de saus en vond ze zelf ook best lekker, maar van de kaaspuree had ik iets meer verwacht. Misschien moet ik de kaaspuree eens combineren met een puree-tip van Niggle.

Herfststoofpotje met Dobbel Palm

Er zijn zo van die momenten waar een mens naar uitkijkt in zijn leven en eentje daarvan is de jaarlijkse terugkeer van Dobbel Palm. Ook dit jaar brengt de Steenhuffelse brouwermeester naar goede gewoonte een wintervariant van de Speciale Palm op de markt. Reden genoeg om eens te kijken welke suggesties Palm Breweries heeft om haar bieren te gebruiken in typisch Belgische recepten.

Een aantal interessante en op het eerste zicht niet al te moeilijke gerechten zijn terug te vinden op de site van Palm Breweries. Ik ben gegaan voor het recept ’stoofpotje van kip met Dobbel Palm’. Dit zijn de benodigdheden voor 4 personen:

  • 800 g kipfilet (hangt er natuurlijk van af hoe groot de honger is, maar één kipfilet per man zou moeten volstaan)
  • 300 g boschamignons (liefst zoveel mogelijk soorten, ik heb echter geen mengeling meer gevonden, dus één soort gebruikt)
  • 2 flesjes Dobbel Palm
  • 1 ui
  • het wit van 1 prei
  • olijfolie (ik heb boter gebruikt, lijkt me beter voor een stoofpotje)
  • peter en zout

De kipfilet snij je in stukken, zodat je mooie blokjes kan bakken. Gebruik een mes dat scherp genoeg is, anders wordt het al snel een vervelende opdracht. De ajuin snij je in fijne stukjes. De prei (waarvan je best alleen het wit gebruikt, omdat dat het zoetste smaakt) wordt uiteraard ook in stukken gesneden. Ik herinner me van SOS Piet dat je voor stoofpotjes best de groenten in niet té kleine stukjes snijdt, maar ik kan me vergissen…

Vervolgens: bak de kippenblokjes mooi bruin (en gaar) in de heet gesmolten boter. Kruiden met peper, zout en wat je zelf verder nog verkiest. De ajuin en de prei stoof je ook in boter. Zorg dat de ajuin niet bruin bakt, want dan wordt ie bitter. De prei mag niet te slap worden, want zoals het hoort bij een stoofpotje, moet alles nog een tijdje bij elkaar liggen pruttelen in het bier. En dit maakt de groenten zeker niet knapperiger. Als alles klaar is, neem je een grote pot en doe je alles bij elkaar (behalve de champignons!). En nu komt het: ontkurk de flesjes en voeg de inhoud van één flesje toe aan het stoofpotje. Het andere flesje drink je zelf op, dat heb je ondertussen verdiend. Bier is trouwens een zeer goede aperitief, zeg dat Jeroen Meus het gezegd heeft! Laat het stoofpotje pruttelen tot het bier goed ingekookt is (lees: voor een stuk weggekookt is). Doe op het laatste moment de champginons erbij, als ze te lang koken worden ze plat. Bijkruiden doe je naar eigen smaak.

Opdienen kan met puree. Dit keer geen bijpassende wijn, maar uiteraard bier bij het eten.

Herfststoofpotje met Dobbel Palm 2

(Tip: zorg ervoor dat je teveel maakt. Zet de overschot voor jezelf aan de kant tot de volgende dag en merk dat het een dag later nog beter smaakt, zoals steeds het geval is met stoofpotjes)

Hete Bliksem met Warme Appelen

Het is niet volgens het originele Hete Bliksem recept, maar heet was het alleszins!

Benodigdheden (voor 6 personen):

750 gr gemengd gehakt
300 gr spekreepjes
2 dikke ajuinen
1 paprika
champignons
1,5 kg aardappelen
paneermeel
boter
kruiden
diepe ovenschaal

Appels
eetlepel suiker

Bereiding bliksem:

Schil de aardappelen en maak een stevige puree. Zeker niet met de mixer tewerk gaan!

Bak het spek krokant. Dit wordt het eerste laagje in je ovenschaal.

Snipper (!) de ajuin, snij de paprika en champignons in kleine stukjes. Bak dit alles en voeg het gehakt toe. Bak los en kruid stevig. Hier is waar je je bliksem ‘heet’ maakt.

Afhankelijk van de diepte van je ovenschaal kan je meer of minder laagjes maken. Normaal gezien zouden de laagjes als volgt zijn:

puree (bovenkant)
gehakt
puree
spek (onderkant)

Voor zeer diepe schotels kan er nog een gehakt en puree laagje bovenop, maar bij mij was het spek/gehakt/puree. Eigenlijk maakt het niet veel uit, zolang je maar puree bovenaan hebt zitten.

Dek de puree af met (kruiden)paneermeel. Leg er hier en daar een klein klontje boter op, en zet in de oven op 200°C. Als je alles ineens maakt, hoeft het niet fel meer op te warmen, en moet enkel het paneermeel bruinen.

Als het van te voren gemaakt is en afgekoeld, mag het wel een 3 kwartier hebben.

Bereiding appels:

Schil de appels, snij het klokhuis weg en snij in schijfjes. Niet te dun, anders krijg je meteen appelmoes, maar ook niet te dik uiteraard.

Doe boter in je pan (boter, geen olie) en bak de appels in de licht gebruinde boter. Voeg de suiker toe (voor caramelisatie) en laat even bakken. Hier moet je een beetje je gevoel laten werken. Wil je liever richting appelmoes gaan: laat het dan wat langer bakken, eventueel met het deksel erop. Wil je nog echte appels hebben, roer dan enkele keren om, tot de appels wat bruin worden en hopla. Klaar.

Zelf vind ik een goede lepel mosterd heel goed smaken bij de Bliksem. Zweetbandjes zijn niet altijd een overbodige luxe.

Puree. Ik ben een fan. Ook al omdat je er weinig mis mee kan doen.

Ik ben zelf voorstander van de “puree met brokken”. Geen puree waar de mixer in gestoken heeft voor mij. Gewoon prakken met de vork!

Voor diegenen die toch niet zelfzeker genoeg zijn voor zelf aan hun eigen puree-creatie te beginnen, hier enkele tips:

1. Grote patatten schillen gemakkelijker.
2. Snij de patatten in niet te grote stukken, dan koken ze sneller.
3. Kook gerust wat smaakmakers mee met je patatten! Ikzelf ben een groot liefhebber van enkele teentjes knoflook! Gewoon meeprakken in de puree! Ajuin is ook lekker.
4. Kook de aardappelen zeker lang genoeg! Overkoken kan gewoonweg niet. Vallen ze uiteen? Des te gemakkelijker!
5. Laat de aardappelen even tot rust komen alvorens ze te lijf te gaan met allerhande prakkersmateriaal.

Afwerking:

Hier kan je ook weer je eigen zin doen. Veel kan je eigenlijk niet mis doen en veel hangt af van je eigen smaak. Hier enkele aanpakken:

1. Normaal: geutje melk, klontje boter, peper en zout.
2. Smeuïg: geut melk, klont boter, peper en zout. Optie: eidooier.
3. Stevig: geutje room, klont boter, peper en zout, nootmuskaat, eidooier, handje geraspte kaas.

Voor diegenen die nog kunnen wachten met hun verse puree op te eten, gratineren is ook altijd een optie. Verdeel hiervoor de puree in een ovenschaal, bedek met chapelure en leg hier en daar een klein klontje boter op de chapelure, zodat alles niet te zeer uitdroogt.

The Beer Hunter is niet meer

Michael Jackson

Op donderdag 30 augustus 2007 is Michael Jackson overleden. Een groot verlies voor de bier- en whiskywereld. Niemand was zo bevlogen als hem in het omschrijven van het rijke smaken- en geurenpalet dat de twee meest heerlijke dranken ons bieden. Mijn volgende glas is op alle fijne informatie die hij ons geschonken heeft!

Pangasiusfilet

‘Pancreasfilet’ hoor ik u zeggen? Neen, toch niet: Pan-ga-sius. De Pangasius pangasius (dat is zijn officiële naam) is een visje dat behoort tot de familie van de reuzenmeervallen en dat mits goed voorzien van eten en drinken gemakkelijk 3 meter kan worden. Maar belangrijker: pangasius is een zeer lekker visje!

En handig bovendien. Pangasius is uitstekend geschikt voor honderd en één bereidingen. Die laatste ene bereiding is dus met een mosterdsausje en fijne groentjes, zoals ik het vorige week klaargemaakt heb. Niet echt een erg gewaagd visrecept, maar toch een gemakkelijk te bereiden gerecht dat door iedereen gesmaakt wordt, ook door de iets minder die-hard visliefhebber.

Benodigdheden (voor 5 personen):

  • Pangasiusfilet (Ik koop de mijne in bevroren vorm in de Aldi. Ongeveer 5 euro voor 5 visjes. Met één visje per man kom je normaal gezien toe.)
  • 2 dl room
  • 1 dl visfond (bij gebrek aan visfond - witte zijn schuld - heb ik groentenfond gebruikt, is ook gelukt)
  • een flinke eetlepel mosterd
  • peper, zout, muskaatnoot
  • bloem
  • een zak ‘groentenreepjes’ die je kan vinden in de diepvriesafdeling van de Colruyt. Vers kan ook natuurlijk: fijn gesneden worteltjes, courgettes en broccoli.
  • pasta (100g per man, zoiets?)

De bereiding:

Die is relatief eenvoudig. Eerst de saus: doe wat boter in een hoge pan, of casserole, iets dat je voorhanden hebt. Laten smelten, bevroren groentjes erbij, een beetje stoven (tot ze er niet meer bevroren uitzien en ze iets slapper worden), vervolgens de room en de fond erbij, evenals de mosterd. Dit alles even laten inkoken en op smaak brengen met peper, zout, muskaatnoot en eventueel meer mosterd. Als alles goed gaat, is hiermee de saus klaar.

En dan nu: de visjes. Er zijn twee manieren die een lekker resultaat opleveren: in de oven, of gebakken in de pan. In beide gevallen de vis eerst ontdooien in de microgolfoven. Let wel op dat de visjes erin passen, want pangasiusfilet is vaak nogal groot uitgevallen. Eens ontdooid kan je ze in de oven zetten: ovenschotel nemen, laagje saus met groentjes erin, ontdooide visjes erover, nog een laagje saus met groentjes en afdekken met alumiumfolie. Dit 20 minuten op 200°C, rustig twee sudoku’s invullen, uit de oven halen en smullen maar! Opdienen met pasta (bereiden zoals op de verpakking staat aangegeven).

De andere manier vind ik persoonlijk iets lekkerder, omdat de vis wat meer smaak heeft dan wanneer hij uit de oven komt. Doe eerst wat bloem op de visjes. Dit zorgt ervoor dat het vocht in de vis blijft bij het bakken. Neem een grote pan, doe hier boter in en leg de vis voorzichtig in de hete boter. Je gebruikt hiervoor best een spatel, ook om de vis om te draaien, omdat hij de neiging heeft om doormidden te breken als je niet voorzichtig bent. Laat de visjes aan één kant een beetje aanbakken en draai om. Hoe lang de visjes moeten bakken heb ik niet genoteerd, maar wanneer de onderkant zwart is, heeft hij te lang gelegen. Een beetje fingerspitzengefühl is hiervoor aangewezen. Ook hier opdienen met pasta.

Hoe lang dit allemaal duurt? Geen idee. Met een goed glas witte wijn als aperitief (bijvoorbeeld een Côtes du Luberon van 2006) geeft niemand erom of dit nu lang duurt of niet. Koken is tenslotte het gastronomische voorspel, niet? Dat mag wat tijd kosten…

Rode Rundercurry

Rode Rundercurry

Ingrediënten:

Wat heb ik gebruikt:

Ik volg zelden een recept volledig, aangezien er altijd wel ingrediënten zijn die ik niet terugvind in de modale supermarkt en ik te lui ben om er harder naar te gaan zoeken. Ik ben er dan ook van overtuigd dat de meeste ingrediënten te vervangen, of niet hoogst noodzakelijk zijn. Afmeten doe ik ook niet aan mee wegens geen maatbeker, noch weegschaal.

Onderstaande hoeveelheden waren volgens het recept voor 6 personen, doch met 5 hadden we toch het gevoel dat het iets meer mocht zijn:

  • 2 blikken kokosmelk (bijna 1 liter)
  • 1 potje rode currypasta (ongeveer 3 eetlepels)
  • 800 gr biefstuk in reepjes gesneden (stoofvlees zal zeker ook lukken)
  • 1 kleine courgette, in blokjes gesneden.
  • 1 rode paprika
  • 3 eetlepels vissaus
  • citrusblaadjes

Bereiding:

In het oorspronkelijke recept staat dat je moet beginnen met het dik van de kokosroom uit je blik te scheppen. Aangezien ik geen kokosroom vond, ben ik begonnen met het dik van mijn 2 blikken kokosmelk. Laat dit opwarmen in de wok, “pruttelen” zoals dat heet.

Doe er de currypasta bij en roer goed.

“laat een 5-tal minuten pruttelen”.

Doe de rest van de kokosmelk erbij en zodra het mengsel weer begint te koken, doe je er het vlees bij, evenals de vissaus en de citrusblaadjes. Citrusblaadjes had ik ook niet en wou ik oorpsronkelijk vervangen door laurier, maar dit was ik vergeten. Zonder smaakte het ook, vrees niet.

Laat alles inkoken, dit kan wel een uurtje duren.

Pruttelende rode rundercurry

Voeg dan nog de in blokjes gesneden (ik ben er zeker van dat dit een mooie naam heeft in het kookjargon) courgette toe en laat meekoken zodat ze nog kan garen.

Helemaal aan het eind kan je nog een paprika toevoegen. Dit stond niet in het recept. Ik had deze samen toegevoegd met de courgette. Toen mijn saus een beetje begon te schiften herinnerde ik mij een aflevering van SOS Piet, waar een vrouw haar Gyros steeds schiftte. Dit lag aan de paprika die pas helemaal aan het eind en reeds voorgebakken bij de saus mocht. Dus dat doe je beter ook :-) .

Als de saus de gewenste dikte heeft kan je serveren met rijst.

Rode rundercurry met rijst

Alles tesamen ben je hiermee wel een goed anderhalf uur mee bezig. Je kan het wel gemakkelijk de dag van te voren maken en het mengsel een dagje laten trekken.

Smakelijk.

Oudere Berichten »